Overdag een werkplek, ’s avonds een plek om te ontspannen. Een flexibele woonkamer vraagt om duidelijke functies en meubels die niet alles tegelijk hoeven te doen.
Maak eerst de routes vrij
Teken de looplijnen tussen deur, bank, keuken en raam. Houd die herkenbaar voordat je extra meubels toevoegt. Een compacte bijzettafel die je kunt verplaatsen kan prettiger zijn dan een groot exemplaar midden in de route. Test de indeling door eerst bestaande meubels te verschuiven.
Geef werk een begin en een einde
Een kleine werkplek wordt rustiger als materiaal na afloop een vaste plaats heeft. Denk aan een afgesloten kastvak of een verrijdbaar meubel. Let bij de plaats van je scherm op reflecties uit het raam. Dezelfde hoek hoeft niet permanent als kantoor aan te voelen als je spullen makkelijk kunt opruimen.
Kies per meubel een duidelijke taak
Flexibel betekent niet dat alles inklapbaar moet zijn. Soms biedt één goede tafel met voldoende vrije ruimte meer mogelijkheden dan verschillende kleine meubels. Maak vooraf een lijstje van de activiteiten die echt belangrijk zijn. Probeer een nieuwe opstelling een week voordat je iets bestelt; pas in dagelijks gebruik merk je waar ruimte ontbreekt.



